Geloof en wetenschap worden telkens weer als tegenpolen tegenover elkaar gezet. Loopgravenoorlogen voeren is makkelijk. Andersdenkenden verketteren is nog makkelijker. Het wordt veeleisender wanneer je probeert elkaars argumenten te begrijpen.

De waarheidsclaim

Een vraag om bewijs voor een geloof komt vaak zelfgenoegzaam over. Wie zegt dan dat je geloof moet bewijzen, of dat wetenschap en geloof vergelijkbaar zijn? Of vergelijk je, in de beeldspraak, appels met peren? Dat is een belangrijke vraag, want ze beantwoordt indirect ook je eigen basisaannames, waarmee je je leven leidt en waarmee je je eigen geloofsvoorstellingen vormt.

De verwarring is echter begrijpelijk. Denk maar aan een thema als „schepping" of „evolutie" en je ziet het meteen. Nogal wat tijdgenoten gaan nu op de barricaden, omdat ze het een of het ander als „waar" opvatten. Misschien gaat het bij deze tegenstelling vooral om een waarheidsbegrip. Daarachter schuilt de verwachting of aanname dat iets „absoluut waar" zou zijn. Er is een claim op absoluutheid.

De bijbelvaste wereldburgers denken dan misschien aan de schepping die in de Bijbel wordt genoemd. Ze waren er weliswaar niet bij, maar de Bijbel beschrijft het zo. Dan is de Bijbel ook „Gods Woord" en, in de zin van de zeventiende-eeuwse inspiratieleer, net zo zeker als God zelf. De Bijbel zou het „onfeilbare Woord van God" zijn, waardoor ze eigenschappen van God zelf krijgt. Dat gaat soms zover dat men „in de Bijbel gelooft", zoals men „in God gelooft". Het is de claim op een absolute autoriteit in alle vragen, hier gegarandeerd door God zelf. Op basis van deze gevolgtrekkingen (!) komt men ertoe een schepping als absolute waarheid te beschouwen en al het andere als „fout" te bestempelen.

Wanneer het er nu om gaat dat in de Bijbel over het ontstaan van de wereld wordt gesproken, bedoelt men twee dingen:

  1. Het eerste hoofdstuk van de Bijbel beschrijft hoe de wereld fysiek is ontstaan (dit is het thema dat men als uitgangspunt definieert!). Dit is absolute waarheid.
  2. Deze visie is in tegenspraak met het idee van evolutie, dus is evolutie fout/satanisch/onbijbels.

Mensen uit het wetenschapskamp gaan anders te werk. Ze werken met hypotheses, dus met waarschijnlijkheden op basis van bestaand onderzoek. Ook hier was men niet bij het ontstaan van de wereld aanwezig, maar men kan onderzoeken of er sporen van dat ontstaan te vinden zijn. Ook kan men ideeën ontwikkelen over hoe die sporen samen een bepaald verhaal vertellen.

Het best kan men dit begrip misschien beschouwen als een „werkhypothese". Men doet alsof het klopt, zolang er geen betere ideeën ontstaan. Het doel daarbij is het begrip te verdiepen. Natuurlijk kan men ook hier een hypothese als absolute waarheid verdedigen met een religieuze ijver, maar dat hoort niet bij het wezen van de wetenschap.

Men moet hier niet de fout maken te denken dat wetenschap „dus onzeker" zou zijn. Dat reduceert de wetenschap tot je eigen onzekerheid. Een werkhypothese is, zo het begrip, het beste wat tot nu toe gevonden is. Er is geen claim op absolute waarheid, omdat die op basis van de bevindingen nooit gegeven is. Er zijn echter wel waarschijnlijkheden waarmee men (voorlopig) rekent.

Schepping en evolutie zijn inderdaad twee verschillende concepten, maar staan ze wel tegenover elkaar? Wie dat bevraagt, kan iets nieuws ontdekken. Misschien worden er twee verschillende verhalen verteld, met verschillende belangen. Als dat zo is, is er geen misleidende tegenstelling, maar iets nieuws, namelijk het inzicht dat het om twee verschillende dingen gaat.

Wat is het thema?

Als het thema van het eerste hoofdstuk van de Bijbel niet de schepping is, waarom wordt dit verhaal dan verteld? Wie zo vraagt, gaat op reis naar een nieuwe horizon. Want dit verhaal heeft zeker iets te vertellen van belang. Wat moet men zich daarbij voorstellen? Wat is het thema? Als ik bepaal dat het thema over het fysieke ontstaan van deze wereld gaat, is dat dan mijn focus of de focus van de tekst?

De grootste uitdaging tussen geloof en wetenschap ligt niet in de respectievelijke uitspraken, maar in de verwachtingen en belangen. Blijkt dat beide verschillende belangen hebben, dan hoeft men misschien niet op de barricaden te klimmen. Men stopt met appels met peren te vergelijken en ziet ze als eigen vruchten van verschillende bomen.

Sommigen zullen hier meteen op reageren alsof ik waarheid zou „relativeren". Dat is echter niet het geval. Ik wil begrijpen wat het belang in de Bijbel en wat het belang in de wetenschap is, en zie dat die belangen misschien verkeerd zijn ingeschat. Het is de menselijke interpretatie en indeling die ik bevraag.

Is bij beide het thema het ontstaan van de wereld? Deze vraag vergt het vermogen om abstract te kunnen denken. Merk je dat je verzeild raakt in een loopgravenoorlog tussen visies, dan kun je leren de situatie vanop wat afstand te bekijken. Beide concepten stellen een waarheidsclaim voorop. Bedenk hierbij dat elke waarheidsclaim het eigen belang dient. Kun je je eigen belangen onderscheiden van die van de ander?

Lukt dit onderscheid van belangen niet, dan kun je denken dat iedereen over hetzelfde praat. Beide verwachten het absoluut juiste antwoord te geven op de vraag hoe deze wereld fysiek is ontstaan. Men staat echter op verschillende plekken, omdat er verschillende belangen zijn. Dat leidt tot vreemde aannames. Menig bijbelkenner denkt misschien goddelijk gemachtigd te zijn om de ware wetenschap te onderwijzen, en menig wetenschapper denkt de Bijbel als onhoudbaar te kunnen bewijzen. Terwijl hun belangen fundamenteel verschillend zijn en verschillende doelen dienen.

Bovendien zijn er veel gelovige wetenschappers. Zij slagen erin wetenschap en geloof met elkaar te verzoenen. Dat lukt niet door „ongelovig" of „onwetenschappelijk" te worden, maar door de verschillende belangen en taken in het leven nuchter waar te nemen. Je hoeft geloof en wetenschap niet tegen elkaar uit te spelen om hun respectievelijke waarden te waarderen.

Het echte probleem bij dit contrastthema „schepping of evolutie" is dat niemand bij het ontstaan van de wereld aanwezig was (Job 38:4). Niemand kan als ooggetuige verslag doen. En voor zover we deze dingen in de Bijbel vinden, in de vijf boeken van Mozes, staat één ding vast: Mozes was er ook niet bij. Concreet: het begin van de Bijbel is ooit opgeschreven door mensen die er niet bij waren. Niet meer, maar ook niet minder. Er zijn geen ooggetuigenverslagen.

De bedoeling van de Bijbel

De kern van een discussie die voor veel christenen belangrijk is, ligt in het begrijpen van de standpunten. Wat is bijvoorbeeld de bedoeling van de Bijbel? Waarvoor is ze geschreven? Is de Bijbel opgezet als wetenschappelijk handboek, of vertelt ze over iets anders? Dat alles in het eerste boek van de Bijbel om het fysieke ontstaan van de wereld zou draaien, is een interpretatie. Daaruit ontstaan twistgesprekken. Die lijken behoorlijk zinloos als het belang van het boek Genesis een ander is.

Hoe zou men zich dat anders kunnen voorstellen? Dat is een belangrijke vraag, want er bestond nog geen wetenschap toen de Bijbel werd geschreven. Ze is dus niet geschreven als tegenontwerp tegen een wetenschap die nog niet bestond. De Bijbel had een eigen reden om geschreven te worden, lang voordat er wetenschap was. Welke reden is dat?

Het verhaal van de Bijbel kan ook het begrip van God binnenbrengen in een wereld die daar niets van wist. Men gaat niet uit van God, maar van de bekende wereld, en introduceert vervolgens die God in de wereld. Ik denk dat je dit exegetisch goed kunt onderbouwen. Daarmee verschuift het kernthema van de schepping naar de Schepper, en van de fysieke wereld naar de onzichtbare God die hemel en aarde geschapen heeft. Hemel en aarde waren bekend, maar God? De bijbelse verhalen introduceerden God in de belevingswereld van de mensen.

Als dit de bedoeling achter het eerste hoofdstuk van de Bijbel is, dan is dat een andere bedoeling dan die van de hedendaagse wetenschap. Dan is niet de fysieke schepping de boodschap, maar zijn de hele hoofdstukken de manier waarop het bijbelse belang wordt verteld. De Bijbel spreekt over de schepping niet vanwege de schepping, maar omdat het perfect uitlegt hoe God met deze wereld te maken heeft. Daarmee wordt geen schepping ontkend, maar wordt ze gezien als een ondergeschikte schildering, die enkel recht moet doen aan het hoofdbelang en niets anders.

Het punt is dit: wie alleen in de categorieën „absoluut juist" of „absoluut fout" denkt en vanuit de huidige tijd redeneert, ziet hier tegenstellingen. Ik denk echter dat dit geenszins zo hoeft te zijn. Bijbel en wetenschap vertegenwoordigen verschillende belangen. Beide schetsen iets vanuit een ander perspectief.

Interpretatiemacht

Het wordt pas echt vertroebeld wanneer een groep een interpretatiemacht over alle perspectieven probeert af te dwingen. De waarheidsclaim moet dan voor iedereen gelden. Doe je dat met de Bijbel in de hand, dan kun je daar de beruchte term „vanaf de kansel afkraken" tegenkomen, waarbij men iets vanaf de kansel afkeurt. Daar wordt de Bijbel een politiek wapen en een ideologisch werktuig voor zelfgenoegzamen.

De begrippen „fundamentalisme" en „biblicisme" worden zo beschreven en waargenomen. Het is de poging om interpretatiemacht te verwerven, wat — logischerwijs — veel oprechte mensen tegen de borst stuit. Dat is geen waardeoordeel, maar, in een beeldende vergelijking: „Als het eruitziet als een eend, waggelt als een eend en klinkt als een eend, is het waarschijnlijk een eend" (de eendentest).

Eendentest

Geloof en wetenschap zijn naar mijn begrip twee compleet verschillende dingen. Ze kunnen en hoeven niet met elkaar geharmoniseerd te worden. Het helpt echter om beide te erkennen als verschillende werktuigen voor verschillende dingen. De vaststelling: geloof en wetenschap hebben verschillende belangen en verschillende taken. Hetzelfde geldt voor de Bijbel tegenover wetenschappelijke geschriften.

Misverstanden ophelderen

Waar of niet waar? In dit spanningsveld gedijen radicale, ideologisch gekleurde opvattingen. Een genuanceerdere kijk heeft ruimte nodig voor gedachten. Laten we eerst een paar mogelijke misverstanden uit de weg ruimen.

Geloof ik? Ja. Kan ik mijn geloof bewijzen? Nee, dat kan ik niet. Ben ik daardoor onwetenschappelijk? Natuurlijk niet. Dat zou ik pas zijn als ik zou denken dat geloof en wetenschap over dezelfde dingen spreken en dat het ene als „juist" en het andere als „fout" beoordeeld moet worden. Wie verstrikt raakt in loopgravenoorlogen tussen geloof en wetenschap, doet noch het geloof, noch de wetenschap een plezier. Men voert loopgravenoorlogen naar mijn mening alleen vanwege de eigen onzekerheid.

Een andere problematische inschatting is deze: geloof en wetenschap moeten volgens dezelfde criteria beoordeeld worden. Als basisaanname bepaalt dit de hele discussie. Dat is begrijpelijk als je ervan uitgaat dat het vergelijkbare dingen zijn en dat maar één van beide „de waarheid" vertegenwoordigt. Ook dat kun je herkennen. Maar hier kun je al kritisch doorvragen. Waar komt de waarheidsclaim vandaan?

Nu staan bijvoorbeeld veel evangelischen bekend als „wetenschapsvijandig", bijvoorbeeld door de nadruk op schepping tegenover evolutie. Loopgravenoorlogen ontstaan dan door menselijke gevolgtrekkingen. De Bijbel spreekt over schepping, dus (een menselijke gevolgtrekking!) heeft de wetenschap het mis. Of: alles in de wetenschappelijke consensus duidt het ontstaan van deze wereld als evolutie, dus (een menselijke gevolgtrekking!) heeft de Bijbel het mis.

Dit soort tegenstelling vereist een waarheidsbegrip dat met elke andere interpretatie in oorlog ligt. Dat wordt ideologisch verankerd door duidelijk te maken dat men zelf de waarheid in pacht heeft. Met de Bijbel of met wetenschap heeft zo’n visie echter niets te maken.

Misverstanden kun je ophelderen. Daarbij helpt het om de belangen van verschillende visies te begrijpen. Bovendien is er moed voor nodig om ideologische opvattingen los te laten ten gunste van betere opvattingen. Men leert inzien hoe men geloof genuanceerder kan bekijken. Ontwikkeling en groei beginnen hier.

Differentiëring brengt verder

Zijn de misverstanden eenmaal opgehelderd, dan kun je proberen het wederzijdse begrip te bevorderen. Dat lukt bijvoorbeeld door te vragen naar de belangen van de ander. Wat is het belang van de wetenschap, wat dat van de Bijbel? Het verschil tussen de antwoorden is naar mijn begrip het einde van elke loopgravenoorlog.

Je krijgt twee verschillende antwoorden, die niet langer koste wat het kost met elkaar geharmoniseerd hoeven te worden. Je kunt beginnen de respectievelijke sterke kanten van de ander te ontdekken. Bedenk daarbij dat de sterkte van de wetenschap niet het bijbelse narratief is, en dat het bijbelbegrip ook niet hoeft te voldoen aan het belang van de wetenschap.

Hier kun je verschillen herkennen:

  • Wetenschap onderzoekt het ontstaan van de wereld en gaat daarbij uit van de wereld.
  • Geloof onderzoekt de betekenis van God in deze wereld en gaat daarbij uit van de Bijbel en/of de traditie.

Men vertegenwoordigt verschillende belangen. Deze verschillen kunnen verdragen zonder op de barricaden te klimmen, ze misschien zelfs als een verruiming van de horizon te zien, is de voorwaarde voor een echt gesprek.

0
0

Tekst en afbeeldingen: Alle teksten en afbeeldingen zijn auteursrechtelijk beschermd. Als je teksten wilt gebruiken, neem dan eerst contact met me op. Citeren met verwijzing naar de auteur is toegestaan, zoals overal elders, hoewel citaten geen hele teksten mogen zijn. Als je citeert, link dan naar het originele artikel. Afbeeldingen zijn speciaal gelicenseerd voor deze website.

De basistaal van deze website is Duits. Let op: Vertalingen naar het Engels en Nederlands zijn geautomatiseerd en zullen hier en daar wat hobbelig zijn.

Privacy Voorkeur Centrum